Wat doet een energielabel voor je woningwaarde? De feiten op een rij
Een beter energielabel verhoogt de waarde van je woning -- maar hoeveel precies? Onderzoeksdata van NVM en Kadaster geven een concreet beeld, zonder de hype.
Energielabel en woningwaarde: wat zegt het onderzoek?
Er zijn de afgelopen jaren meerdere studies gedaan naar de relatie tussen energielabel en verkoopprijs. De conclusies zijn consistent: woningen met een beter energielabel brengen meer op dan vergelijkbare woningen met een slechter label, in dezelfde straat en hetzelfde bouwjaar.
Het NVM-onderzoek uit 2023 liet zien dat het verschil tussen label A en label D gemiddeld 4 tot 6 procent van de verkoopprijs bedraagt. Op een woning van 400.000 euro is dat 16.000 tot 24.000 euro. Kadaster-data bevestigen dit beeld, met nuances per regio: in de Randstad is het effect groter dan in krimpgebieden.
Belangrijk voorbehoud: het gaat om gemiddelden. Een woning met label A in een minder populaire straat verkoopt niet automatisch beter dan een label D woning in een populaire straat. De ligging blijft doorslaggevend. Maar bij gelijke ligging geeft het label een meetbaar voordeel.
Welke labels geven het meeste voordeel?
Het grootste prijsverschil zit niet tussen A en B, maar tussen de grenzen van label C en D enerzijds en label A en B anderzijds. Kopers rekenen inmiddels serieus mee wat een energierekening kost -- een label D woning met hoge stookkosten is aantoonbaar minder aantrekkelijk geworden na de energiecrisis van 2022.
Een woning verbeteren van label G naar label D levert minder op dan van label D naar label B. De stap naar A of A+ is daarna weer proportioneel groter, omdat dit de grens markeert voor energieneutrale of energieleverende woningen.
Wat kost het om een label te verbeteren?
De kosten hangen sterk af van de huidige staat van de woning en welk label je wil bereiken.
Van label D naar B: in een rijtjeswoning uit de jaren tachtig typisch te bereiken met spouwmuurisolatie, dakisolatie en HR++ glas. Totale kosten: 8.000 tot 15.000 euro. Woningwaardestijging: gemiddeld 12.000 tot 20.000 euro. Per saldo neutraal tot licht positief, nog zonder de lagere energierekening meegeteld.
Van label B naar A: een stap verder, vaak te bereiken met aanvullende vloerisolatie en vervanging van de cv-ketel door een hybride warmtepomp. Extra kosten: 6.000 tot 12.000 euro. Extra waardestijging: moeilijker te kwantificeren, maar het opent de deur voor een energiebespaarhypotheek en betere hypotheekrentes bij sommige geldverstrekkers.

Energielabel en hypotheekrente
Een aantal hypotheekverstrekkers geeft korting op de hypotheekrente voor woningen met een hoog energielabel. Rabobank, ASN, Triodos en Knab hebben allemaal vormen van een zogenaamde groene rentekorting. Die korting loopt uiteen van 0,1 tot 0,3 procentpunt.
Op een hypotheek van 300.000 euro scheelt 0,2 procentpunt rente circa 50 euro per maand, ofwel 600 euro per jaar. Over de volledige looptijd is dat een aanzienlijk bedrag dat meeweegt in de totale businesscase van verduurzaming.
Hoe kom je aan een energielabel?
Elk huis dat verkocht of verhuurd wordt, moet een geldig energielabel hebben. Maar je kunt ook proactief een definitief energielabel laten opstellen door een gecertificeerd energieadviseur (EP-adviseur). Dat is iets anders dan het voorlopige label dat je via rvo.nl kunt opvragen op basis van bouwjaar en postcode.
Een definitief label is nauwkeuriger omdat het de werkelijke staat van de woning meeneemt: isolatiewaarden, beglazing, installaties. De kosten voor een definitieve opname liggen tussen de 150 en 350 euro.
Wil je investeren in verduurzaming specifiek om je label te verbeteren? Laat dan van tevoren berekenen welke maatregelen het meeste labelpunten opleveren per euro investering. Dat varieert per woning en is niet altijd wat je verwacht.
De kern
Een beter energielabel levert aantoonbaar meer geld op bij verkoop, verlaagt je maandelijkse energiekosten en kan toegang geven tot betere hypotheekvoorwaarden. De exacte opbrengst hangt af van je regio, woningtype en de hoogte van je huidige label. Maar de richting is duidelijk: investeren in een betere energieprestatie is zelden weggegooid geld -- ook als je niet van plan bent op korte termijn te verkopen.